Plan Schedeldoekshaven
Geschiedenis van het gebied
Tot halverwege de 19e eeuw was het Wijnhavengebied een kleinschalige
grachtenbuurt. Zo waren er de Schedeldoekshaven, de Ammunitiehaven, de Turfmarkt
en de Nieuwe Haven. Aan het einde van de 19e eeuw heeft men vanuit het
oogpunt van volksgezondheid de grachten gedempt. Hiermee werd het verval
van de wijk ingeluid.
Na de 2e Wereld Oorlog bevond het gebied zich in een armoedige toestand.
In de geest van die tijd heeft men toen een grootschalig plan opgezet waarin
veel ruimte was voor het verkeer. De bebouwing tussen de Schedeldoekshaven
en de Ammunitiehaven werd gesloopt om de aanleg van een verkeersviaduct
mogelijk te maken vanaf station CS tot het Spui. Verder werden een grootschalig
ministeriecomplex ontwikkeld.
Bij de ontwikkeling van dit plan zijn enkele historische fouten gemaakt:
- de Nieuwe Haven werd dichtgebouwd, waardoor de ministeries een doorgaande
route vanaf de Rivierenbuurt blokkeren.
- er werden twee brede ministeries naast elkaar gebouwd (in tegenstelling tot
bijvoorbeeld naast elkaar), waardoor de hoogbouw ook vanaf een afstand een
muur vormt.
- de kwaliteit van de hoogbouw was laagwaardig.
- het nieuwe viaduct zorgde voor een onprettige openbare ruimte langs en onder
het viaduct.
- het nieuwe viaduct was te laag om onderdoor te varen, waardoor bootverkeer effectief onmogelijk gemaakt werd.
- het nieuwe viaduct en de ruime omgeving werden extreem ruim bemeten.
Nadat de plannen voor een verkeersviaduct door de hele binnenstad geschrapt
waren, bleek er van overbemeting sprake te zijn. Onveilige bosjes,
maar ook afritten van parkeergarages, vullen deze ruimte terwijl de eerste
onwenselijk en de tweede niet noodzakelijk zijn (tegenwoordig worden afritten
meestal in gebouwen gesitueerd).
Rond 1990 heeft men de laatste fout erkend en een poging gedaan deze te herstellen.
Men heeft een gedeelte van het viaduct gesloopt; de oorspronkelijke opritten
halverwege het viaduct werden nu de enige opritten. De vrijgekomen ruimte in het
midden van het viaduct werd opgevuld door de bouw van het kantoorgebouw "De
Terminal". Ik zou deze herteloperatie hier als een tweede historische fout
willen betitelen. Daarvoor zijn de volgende motieven aan te dragen:
- Door haar lengte en architectuur vormt "De Terminal" een tweede muur
tussen de Rivierenbuurt en de binnenstad.
- "De Terminal" heeft geen enkele bijdrage geleverd aan een verbeterde openbare
ruimte; de parkeergarages op de begane grond, maar ook de kale steunpilaren,
hebben de straten aan weerskanten van het viaduct slechts onprettiger gemaakt.
Anno 2002 wordt het gebied zodoende beheerst door verschillende gebouwen met
een mislukte architectuur, een onprettige openbare ruimte en een grootschaligheid
die veel ruimte ongebruikt laat.
Doel van het plan: op moderne manier historische structuren herstellen
Door de verdere sloop van het viaduct, de sloop van de terminal en de sloop van
de ministeries, worden al veel fysieke barrieres tussen de Rivierenbuurt en de
nieuwe binnenstad weggenomen. De verkeersstromen blijven echter een
blokkade. Met het huidige verkeersbeleid van de gemeente (zowel op auto
als op OV gebied) en de verwachte groei van het autoverkeer, zou een vierbaansweg
of wellicht een tweebaans weg volstaan. Aangenomen dat het wenselijk
blijft een rechtstreekse verbinding tussen het Spui en het station CS te behouden,
is de meest voor de hand liggende oplossing de weg te ondertunnelen.
Deze kostbare oplossing heeft nog een tweede voordeel dat het uitgangspunt
vormt van dit plan: er komt een heleboel ruimte vrij. Door deze te
bebouwen kan het oorspronkelijke stratenpatroon hersteld worden.
De Rivierenbuurt krijgt hierdoor geen `verbinding' met het Nieuwe Centrum,
ze wordt zelfs weer een naadloos onderdeel van het centrum. In de nieuwe
opzet kunnen het traditionele bouwblok en de rechte rooilijn als uitgangspunt
gebruikt worden om een stedelijke sfeer te creeeren zonder onprettige,
ongebruikte ruimtes.
Bouwen boven een tunnel
Een essentieel onderdeel van het plan is het plaatsen van gebouwen boven
een verkeerstunnel. Het is mijn overtuiging dat dit technisch geen probleem
moet zijn. Er zijn al verschillende gebouwen boven de Utrechtsebaan gebouwd;
ook voor de Amsterdamse Zuidas zijn er ver gevorderde plannen voor
ondertunneling met gebouwen boven de tunnel. Het bouwen boven de tunnel
zou zelfs gemakkelijker moeten zijn dan bij de Utrechtsebaan aangezien
er bij de bouw van de tunnel al rekening gehouden kan worden met de toekomstige
bebouwing.
Het spreekt natuurlijk wel voor zich dat verkeer met explosieve ladingen
in de tunnel verboden moet zijn.
De Nieuwe Haven als gracht
In de nieuwe situatie ontstaat de mogelijkheid de gracht in de Nieuwe Haven
te herstellen. Er moeten dan echter enkele aanpassingen aan de tunnel gepleegd
worden zodat deze de gracht kan kruizen. Zijn de kosten voor de aanleg
van een gracht verantwoord? Er bestaan mogelijkheden om deze te verantwoorden.
Vanuit toeristisch oogpunt staat Nederland bekend als een waterland met veel
grachten in de binnensteden. Het water trekt mensen.
Op dit moment zijn er echter nauwelijks voorbeelden te vinden van grachten in een
moderne grootstedelijke omgeving. De situatie aan de Zwarte Weg (waaraan de
Hoftoren en de Resident gebouwd zijn) maakt duidelijk dat zo'n moderne
grachtenomgeving een sfeer creeert die onvergelijkbaar is met enige andere
omgeving ter wereld. Door ook de Nieuwe Wijnhaven als gracht aan te leggen,
krijgt dit gebied een eigen karakter dat - indien in hoge kwaliteit uitgevoerd -
mensen in de toekomst zal trekken.
Architectuur
De nieuwe bebouwing zorgt voor de aansluiting tussen de Rivierenbuurt en het
nieuwe centrum en moet deze weer tot een geheel smeden. In het nieuwe centrum
is de architectuur van Rob Krier in de Resident dominant. Voor de Rivierenbuurt
is ook een masterplan door Rob Krier opgesteld. Aangezien veel wijken hun
schoonheid ontlenen aan een zekere eenheid in stijl, is het wenselijk
het nieuwe gebied in dezelfde architectuur uit te voeren.
De bebouwing zou ook hier uit traditionele bouwblokken moeten bestaan met
een duidelijke plint. De begane grond moet in alle gevallen voorzieningen
aan de straat hebben. Vanwege de ruimtebehoeftes van de geplande instellingen
zal deze plint redelijk hoog moeten zijn, terwijl ook hoogbouw noodzakelijk is.
Dit hoeft niet nadelig te zijn (alhoewel het wel on-Haags is).
Door in een groter gebied alleen hoge plinten aan normale straten te hebben,
ontstaat er een grootstedelijke sfeer. In combinatie met de hoogbouw die in het
gebied verspreid aanwezig is zal mogelijk een Amerikaanse (New Yorkse) sfeer op
straat ontstaan met een typisch Haagse invulling.
Invloeden van hoogbouw
In het gebied zal hoogbouw noodzakelijk zijn. Een ministerie met een hoogte van
140m (of meer: het grondoppervlak is klein) is onvermijdelijk. Vanwege de gewenste
trapvorm in de Haagse Skyline, zal deze hoogbouw naast de huidige Zwarte Madonna
plaatsvinden en traps aflopen naar het Spui. Ten op zichte van het plan
"Wijnhavenkwartier" ligt deze hoogbouw echter op grotere afstand van de Hofvijver.
De zichtbaarheid van de hoogbouw is zodoende vanaf de historische binnenstad
minder. Hierdoor wordt het waardevolle karakter van de binnenstad minder
aangetast.
Overzicht voordelen
- mogelijkheid tot behoud Zwarte Madonna
- perfecte aansluiting tussen Nieuw Centrum en de Rivierenbuurt
- goede benutting van de aanwezige ruimte
- prettige openbare ruimte
- een zeer grote kwaliteitssprong
- het plan is combineerbaar met het plan "Wijnhavenkwartier"
Overzicht nadelen
- hoogbouw is noodzakelijk
- een tunnel onder nieuwbouw kan mogelijk tot gevaarlijke situaties leiden
- sloop van een functioneel verkeersviaduct ten behoeve van een kostbaarder tunnel
- on-Haagse grootstedelijkheid
- sloop van een relatief modern kantoorgebouw, "De Terminal"
Stappenplan

Stap 1: Sloop van een stuk Bernhard Viaduct en de bouw van een nieuwe oprit; ondervaarbaar maken van de brug. De ombouw zou kunnen door eerst het viaduct aan de Ammunitiehaven
af te breken en vervolgens de Schedeldoekshavenkant. Bij de sloop van het Ammunitiehaven
viaduct moet het verkeer in beide richtingen over de andere oprit geleid worden.
Na de opening van de nieuwe Ammunitiehaven oprit zou al het verkeer over het deel
van de Ammunitiehaven geleid moeten worden dat nu langs het viaduct ligt.
Ook de reservesporen van de HTM dienen naar deze weg verlegd te worden.
Richting het station CS moeten de sporen bij voorkeur een vrije baan hebben;
nadeel hiervan is dat er hoogstens een enkele rijstrook per richting overblijft
voor het overige verkeer.
Deze baan is daardoor niet geheel berekend op de huidige verkeershoeveelheden.
Het verkeer moet aangemoedigd worden van de centrumring gebruik te maken.
Er is hier zeker sprake van een trechter die op de lange termijn onwenselijk is.
Bij de bouw van de Koningstunnel heeft zo'n situatie zich echter ook voorgedaan.

Stap 2: Sloop van de Terminal en de resterende viaduct-onderdelen.
De oude tramsporen vanaf het Spui tot de Muzenstraat worden buiten gebruik
genomen. De trams in lijndienst rijden vanaf het Spui over de nieuwe sporen
naar CS; vanaf het CS maken ze gebruik van het spoor langs de Schedeldoekshaven
en door de Muzenstraat. De sporen vanaf het CS over de Ammunitiehaven zijn alleen voor
bijzondere omstandigheden (vandaar dat een vrije baan hier niet noodzakelijk is).
Het spoor van de Muzenstraat in de richting van het CS wordt opgebroken om meer
ruimte te scheppen.

Stap 3, Variant 1: Bouw van ministerie 1, tunnel.
Tijdens deze fase wordt 1 ministerie gebouwd terwijl de tunnel over de hele lengte
gebouwd wordt. De tunnel wordt zodanig gebouwd dat er later relatief eenvoudig
grote gebouwen overheen te plaatsen zijn. Bij de Nieuwe Haven zou ze diep
genoeg moeten liggen om een gracht (d.m.v. een aquaduct-achtige constructie)
mogelijk te maken in de Nieuwe Haven. Aan het einde van deze fase is een
ministerie naar de nieuwbouw verhuisd. De tunnel kan door het verkeer in gebruik
genomen worden. De trechtersituatie is ten einde. De trambaan over de
Schedeldoekshaven kan opgeheven worden, de aansluiting naar het Spui kan hersteld
worden.

Stap 3, Variant 2: Zie variant 1; daarnaast de bouw van ministerie 2 en markt/...
In deze variant moet in eerste instantie veel minder van het oorspronkelijke
ministerie gesloopt worden.
Er moet wel zeer dicht tegen de oude bebouwing aangebouwd worden. De
ligging van de Nieuwe Schedeldoekshaven is desalniettemin ietsje anders dan
bij variant 1; de bouwkavels tussen de Schedeldoekshaven en Ammunitiehaven zijn
ietsje kleiner. De bouwperiode is langer en moet mogelijk in verschillende
fases opgeknipt worden. Na afloop van deze fase kunnen beide ministeries naar
een nieuw onderkomen verhuizen.

Stap 4, Variant 1: Bouw/Aanpassing van ministerie 2.
Een gedeelte van het oude ministerie wordt gesloopt. Uiteraard zullen de
openbarevoorzieningen in dit gedeelte gesloten moeten worden. Mogelijk kunnen
sommige installaties die noodzakelijk zijn voor het oude ministerie dat nog in gebruik is,
in gebruik gehouden blijven. Het oude ministerie wordt gestript en opnieuw
vormgegeven. Nadat deze aanpassing voltooid is, verhuist het ministerie van
de oude naar de nieuwe gebouwen. Het nieuwe gebouw kan zich ook naast het
andere nieuwe ministerie bevinden.

Stap 4, Variant 2: Sloop oude ministeries, realiseren nieuwbouw.
Op de plaats van de oude ministeries wordt nieuwbouw gepleegd, waarbij mogelijk
een gedeelte van het oude ministerie alleen gestript wordt.

Stap 5, Variant 1: Sloop oude ministerie, bouw woningen/markt/..., voltooiing.